Wie heeft de nietjes uitgevonden?
Het patent op de allereeste nietmachine werd in 1841 aangevraagd door de Amerikaan Samuel Slocum. Hij noemde het apparaat ‘machine for sticking pins into paper’. Doordat hij het patent voor zijn uitvinding aanvroeg, ging hij ook de geschiedenis in als de eerste uitvinder van iets dat op een nietmachine lijkt.
Welk materiaal nietjes?
Een nietje is een pennetje van afgeplat metaaldraad met daarin twee hoeken van 90 graden, waardoor het een lange zijde met twee kortere pootjes wordt. Een nietje wordt gebruikt als bevestigingsmateriaal. De term werd vroeger ook wel gebruikt voor een kleine klinknagel, in het Duits heet een klinknagel ‘Niet’.
Hoe weet je welke nietjes?
De maat van een nietje bestaat uit twee getallen, zoals 24/6. Bij 24/6 verwijst 24 naar de draadsterkte verwijst. Hoe hoger het getal, hoe sterker de draad en dus ook het nietje. Het tweede getal verwijst naar de lengte van het ‘pootje’ van het nietje; de 6 in 24/6 betekent dat het pootje van het nietje 6 mm lang is.
Charles Gould was de eerste die een nietje uitvond dat lijkt op het nietje dat wij nu gebruiken. Hij bedacht een apparaat dat een stukje ijzerdraad afknipte, omvouwde tot het de vorm had van een U, en in het papier drukte.
Hoe wordt secondelijm gemaakt?
Secondelijm (cyanoacrylaatlijm) is een kleurloze lijm, op basis van cyanoacrylaat, die in enkele seconden een lijmverbinding kan maken. Meestal is de lijm dunvloeibaar, maar er bestaan ook dikkere en halfvloeibare tot gelei-achtig dikke varianten.
Hoe oud is het nietje?
De niettang is vooral handig als je moet kunnen nieten zonder dat je ergens op een bureau, een tafel of een ander vast werkblad kunt steunen. Het patent op de allereeste nietmachine werd in 1841 aangevraagd door de Amerikaan Samuel Slocum. Hij noemde het apparaat ‘machine for sticking pins into paper’.