Wat zijn de Bewijsminimumregels?
In Nederland kennen we in het strafrecht een bewijsminimum. Dit bewijsminimum houdt in dat een bewezenverklaring minimaal moet worden gebaseerd op twee bewijsmiddelen. Op zich moet u zich hier niet teveel van voorstellen. In de praktijk zien we dat rechters redelijk eenvoudig aan dat bewijsminimum toekomen.
Wat is nodig voor een bewezenverklaring?
Om tot een bewezenverklaring te komen, moet er sprake van voldoende wettig en overtuigend bewijs. De eis dat er voldoende wettig bewijs is, houdt in dat er een minimum aan bewijs aanwezig moet zijn in het dossier om een verdachte te kunnen veroordelen.
De bewijsminimumregels worden zo uitgelegd dat elk onderdeel van de bewezenverklaring moet worden gedekt door de aanwezige bewijsmiddelen. Is voor een bepaald onderdeel van de tenlastelegging geen of onvoldoende bewijsmateriaal voorhanden, dan dient daarvan te worden vrijgesproken.
Kan de rechter tot een bewezenverklaring komen?
338 Sv). Is dit niet het geval, dan kan de rechter niet tot een bewezenverklaring van het tenlastegelegde strafbare feit komen. Als de rechterlijke overtuiging er wel is, maar het wettig bewijs ontbreekt (althans is onvoldoende), kan niet tot een bewezenverklaring worden gekomen.
Wie leidt het vooronderzoek?
Het gerechtelijk vooronderzoek is een fase in de opsporing waarbij de rechter-commissaris de leiding heeft over het onderzoek. Indien een persoon een strafbaar feit pleegt, kan hij ingevolge artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering worden aangemerkt als verdachte.
Wat is schakelbewijs?
Volgens de Hoge Raad is schakelbewijs het volgende: ‘een bewijsvoering waarbij voor de bewezenverklaring van een feit mede redengevend wordt geacht de – uit één of meerdere bewijsmiddelen blijkende – omstandigheid dat de verdachte bij één of meer andere strafbare feiten betrokken was’.
Wat is steunbewijs?
Zedenzaken worden vaak gekenmerkt door het gegeven dat naast de verklaring van het slachtoffer en de ontkennende verklaring van de verdachte weinig of geen steunbewijs voorhanden is, omdat bij de tenlastegelegde handelingen alleen de verdachte en het slachtoffer aanwezig zijn geweest.
Hoe is het bewijsrecht geregeld in het bestuursrecht?
In het bestuursrecht kennen wij de vrij-bewijsleer. Dit betekent dat de bestuursrechter in beginsel vrij is dingen te beslissen omtrent het leveren en waarderen van bewijs. Zo beslist de rechter vaak zelf over de omvang van de bewijslevering, over de bewijslastverdeling onder partijen en over de bewijswaardering.