Inhoudsopgave
Hoe noem je het als de Grondwet wordt veranderd?
Huidige herzieningsprocedure Grondwet De regering of 1 of meer leden van de Tweede Kamer dienen een voorstel tot grondwetswijziging in. De Tweede en Eerste Kamer nemen dit wetsvoorstel in 1e lezing aan met een gewone meerderheid. Dit heet ook wel de ‘overwegingswet’ of de ‘verklaringswet’.
Hoe vaak is de Grondwet veranderd?
Inhoudelijk ligt de basis van de huidige Nederlandse Grondwet in de Grondwet van de Bataafse Republiek van 1798. Sindsdien hebben er een groot aantal grote en kleine herzieningen plaatsgevonden. De laatste grote wijziging dateert van 1983. Men spreekt nu dan ook van de ‘Grondwet van 1983’.
Wie past de grondwet aan?
Grondwetsherziening van 1848 Niet langer is de koning, maar zijn de ministers verantwoordelijk voor het beleid. De koning zorgt er met minister Donker Curtius voor dat de (wets)voorstellen, worden aangenomen door de in meerderheid nog conservatieve Kamers. Op 3 november 1848 kan de nieuwe Grondwet worden afgekondigd.
Huidige herzieningsprocedure Grondwet Dit heet ook wel de ‘overwegingswet’ of de ‘verklaringswet’. De Tweede Kamer wordt ontbonden en er worden verkiezingen gehouden. Hierdoor kunnen kiezers zich over de wijzigingen uitspreken. Het in 1e lezing aangenomen voorstel indienen bij de nieuwe Tweede Kamer.
Wat is het recht van amendement?
Recht van amendement De Tweede Kamer heeft sinds de Grondwetsherziening van 1848 het recht van amendement, dat wil zeggen de mogelijkheid wijzigingen (verbeteringen) aan te brengen in een voorliggend wetsvoorstel. Ieder Kamerlid heeft het recht amendementen in te dienen.
Wanneer kan een amendement ingediend worden?
Een amendement kan worden ingediend zodra een wetsvoorstel in handen van een commissie is gesteld tot aan het moment dat het voorstel wordt aangenomen of verworpen. Tot 1848 kon de Tweede Kamer geen wijzigingen aanbrengen in een wetsvoorstel, maar dat alleen accepteren of weigeren door ‘ja’ of ‘nee’ te zeggen.
Wat is de uitvoerende macht van de regering?
De uitvoerende macht bestaat uit de regering. De regering geeft namelijk leiding aan de ministeries en hun ambtenaren, die zich bezighouden met de uitvoering van wetten. De uitvoerende macht moet rekening houden met de wetgevende macht. De uitvoerende macht mag alleen zaken uitvoeren die in de wet staan. Het parlement controleert de regering.