Hoe vermenigvuldig je grote getallen?

Hoe vermenigvuldig je grote getallen?

  1. Bij cijferend vermenigvuldigen noteer je de getallen onder elkaar.
  2. Tienduizendtallen, duizendtallen, honderdtallen, tientallen en eenheden noteer je boven de getallen.
  3. Vermenigvuldig eerst de eenheid met de bovenste rij.
  4. Vermenigvuldig daarna het tiental met de bovenste rij.

Tienduizendtallen, duizendtallen, honderdtallen, tientallen en eenheden noteer je boven de getallen. Vermenigvuldig eerst de eenheid met de bovenste rij. Vermenigvuldig daarna het tiental met de bovenste rij. Vermenigvuldig als laatste het honderdtal met de bovenste rij.

Hoe vectoren vermenigvuldigen?

Je kunt een vector met een getal vermenigvuldigen door de kentallen met dat getal te vermenigvuldigen. Meetkundig betekent dit dat je de vector met een factor c vergroot. Is c < 0, dan keert bovendien de richting van de vector om.

Hoe weet je de vermenigvuldigingsfactor?

Als een hoeveelheid met 18% toeneemt dan krijg je 100%+18%=118%. Dat komt overeen met vermenigvuldigen met 1,18. Het getal 1,18 heet vermenigvuldigingsfactor of groeifactor. Neemt een hoeveelheid af met 12% dan krijg je 100%-12%=88%.

Hoe vermenigvuldigen zonder rekenmachine?

  1. Tel de cijfers van het eerste getal bij elkaar op. In dit voorbeeld is de uitkomst 12 (stap 1).
  2. Doe hetzelfde met het tweede getal. Via 11 (stap 1) kom je op 2 (stap 2).
  3. Doe hetzelfde met de berekende uitkomst. Je komt via 15 (stap 1) op het cijfer 6 (stap 2).
  4. Doe tot slot de berekening 3 x 2 = 6 (zie stap 3).

Hoe moet je matrices vermenigvuldigen?

Twee matrices vermenigvuldig je door steeds een rij van de eerste matrix met een kolom van de tweede matrix te vermenigvuldigen. Daaruit volgt dat om twee matrices te kunnen vermenigvuldigen het aantal kolommen van de eerste matrix gelijk moet zijn aan het aantal rijen van de tweede matrix.

Gerelateerde berichten