Is het naar hen of naar hun?

Is het naar hen of naar hun?

Om naar personen te verwijzen, is na een voorzetsel hen het aan te bevelen voornaamwoord, niet hun: voor hen, aan hen, met hen, door hen. Na een voorzetsel kan ook het onbeklemtoonde voornaamwoord ze gebruikt worden om naar personen (of naar zaken) te verwijzen: voor ze, aan ze, met ze, door ze.

Wie van hun of wie van hen?

Een richtlijn is: je schrijft hun, als je het woord kunt vervangen door een voorzetsel + hen: ‘aan hen’, ‘voor hen’, ‘volgens hen’, ‘bij hen’. Maar helaas betekent niet elk voorzetsel dat het meewerkend voorwerp is. Je schrijft ‘hun’ bij een meewerkend voorwerp zonder voorzetsel.

Gebruik hun als het een meewerkend, belanghebbend of bezittend voorwerp zonder voorzetsel, of een ondervindend voorwerp is. Gebruik hen als het een lijdend voorwerp of oorzakelijk voorwerp is. Gebruik hen na een voorzetsel, welke grammaticale functie het ook heeft.

Wie van hen of wie van hun?

Je schrijft ‘hun’ bij een meewerkend voorwerp zonder voorzetsel. Als er wel een voorzetsel voor staat, hoef je aan de woordvorm niet meer te zien dat het meewerkend voorwerp is. Dan schrijf je ‘hen’.

Kan je hun gebruiken?

Gebruik het persoonlijk voornaamwoord hun als het een meewerkend voorwerp is (ook wel een indirect object genoemd) en er geen voorzetsel voor staat. Je kunt er dan vaak wel een voorzetsel bij denken (bijvoorbeeld aan, voor, bij of volgens) of een voorzetselgroep (met betrekking tot, ten aanzien van e.d.).

Is het met zijn alle of met zijn allen?

In de combinatie met z’n allen wordt zo goed als altijd z’n gebruikt. De spelling met zijn allen is niet fout maar weinig gebruikelijk. Ze waren met z’n allen te laat voor de vergadering.

Hoe werkt hen hun?

Hen is het aanwijzend voornaamwoord: Vb. 1. Hen gaat morgen op vakantie. Hun is het bezittelijk voornaamwoord: Vb.

Hoe vind je een betrekkelijk voornaamwoord?

Een betrekkelijk voornaamwoord verwijst naar een woord dat eerder is genoemd, zoals die en dat. Het verbindt twee zinnen met elkaar. De tweede zin, die begint met het betrekkelijk voornaamwoord, noem je de betrekkelijke bijzin. Ook kan het voornaamwoord wat verwijzen naar een zin die daarvoor staat.

Is het geen van allen?

#taaltip Het woord ‘allen’ (en ook bijv. ‘geen van allen’) kan alleen gebruikt worden als er naar personen wordt verwezen. – De ouders waren geen van allen op tijd. – De auto’s waren geen van alle schoon.

Wat betekent met zijn allen?

samen (bw) : bij elkaar, bijeen, collectief, eensgezind, gezamenlijk, met elkaar, met z’n allen, opgeteld, saam, saampjes, samsam, tegelijk, tezamen, totaal, verzameld.

Gerelateerde berichten